Kennisbank

Regres en stilzitten door het UWV, een gevaarlijke cocktail

Tussen het recht op een uitkering (ZW of WIA), de hoogte van de Whk premie voor (middel)grote ondernemers en het wettelijke regresrecht van het UWV geldt een ijzeren band, verankerd in art. 52a ZW: ziekengeld en WIA komen slechts voor rekening van de werkgever (in de vorm van een premieopslag) naar rato van wat het op de aansprakelijke derde kan worden verhaald. Dat lijkt een abc’tje: hoe meer er schuld wordt erkend, hoe meer ziekengeld kan worden verhaald, hoe lager de latere Whk premie. Verzekeraars accepteren claims van die strekking vaak probleemloos.

Uit de praktijk blijkt echter dat het UWV, ondanks de ruime wettelijke grondslag, niet altijd gebruik maakt van haar regresrecht. Wordt van verhaal afgezien, dan betrekt de belastingdienst de gehele uitkering bij de premieaanslag Whk van de werkgever. Dat dat tot teleurstelling kan leiden laat een uitspraak uit 2016 zien die nog steeds actueel is.

In 2010 wordt een werknemer op straat zeer ernstig mishandeld. Zo ernstig dat er daardoor blijvende gezondheidsschade ontstaat. De daders worden gepakt en blijken via hun verzekeraar aan te spreken voor alle schade als gevolg van de mishandeling. Totdat de belastingdienst de WGA uitkering die inmiddels is toegekend, volledig in rekening brengt bij de werkgever via de Whk aanslag. Dan blijkt dat het UWV de verzekeraar niet heeft benaderd.

De werkgever pikt dat niet. Hij vindt dat hij niet de dupe mag worden van het stilzitten van het UWV en dient beroep in tegen de aanslag Whk. De rechtbank volgt hem echter niet.

Bij uitspraak van 24 februari 2016 (2016:1516) oordeelt de rechtbank Noord-Holland dat de premie Whk inderdaad verminderd wordt met het bedrag aan WGA uitkering maal de breuk ‘verhaald ziekengeld/betaald ziekengeld’. En ook dat het klopt dat alleen het UWV het recht heeft om ziekengeld op een derde te verhalen bij aansprakelijkheid. Maar als het aankomt op de vraag of moet worden uitgegaan van wat het UWV had kunnen verhalen of van wat er door het UWV daadwerkelijk is verhaald trapt de rechtbank hard op de rem. De Nota van Toelichting op art. 2.18 van het Besluit Wfsv wordt erbij gehaald om uit te leggen dat compensatie slechts plaatsvindt naar de mate waarin het UWV het ziekengeld daadwerkelijk heeft verhaald.

Die redenering gaat nog steeds op. Reken als werkgever dus niet te snel op compensatie van premie als een derde aansprakelijk is voor de schade. Op papier is het allemaal prima geregeld, als de uitkering kan worden verhaald dan daalt de premie navenant, maar als het UWV (bewust of onbewust), geen gebruik maakt van haar verhaalsrecht dan blijft het een papieren tijger en komt de belastingdienst voor het volle pond bij de werkgever uit.

Voor ZW eigen risicodragers geldt het voorbehoud dat het UWV regres moet nemen overigens niet. Die kunnen dat zelf. Ook dat is prima geregeld in de Ziektewet. In de praktijk nemen wij ze het regelen van verhaalsrechten uit handen, inclusief het aanvragen van compensatie bij de belastingdienst. De rekening daarvan gaat naar de aansprakelijke derde overigens. Dat zijn dan weer de voordelen van eigen risicodragerschap. Maar voor omslagleden is het dus zaak om het UWV bij regres actief aan te sturen. Dat kan overigens tot 5 jaar na dato.

Als u vragen heeft over schade en het UWV, neem dan gerust contact op. Dan leggen we alles met een kop koffie erbij nog eens rustig uit. Via Teams of Zoom, u weet waarom, dus die koffie moet u zelf even zetten.