Kennisbank

Dwaling bij aangaan arbeidsovereenkomst: werkneemster was al ongeschikt

Kan een supermarkt een beroep doen op dwaling en zo de arbeidsovereenkomst vernietigen als de werkneemster al voor het dienstverband wist dat zij een slechte rug had?

Een opmerkelijke uitspraak van de rechter in november 2020. Een supermarkt neemt een werkneemster in dienst als kassamedewerkster. Aan het einde van de eerste werkdag laat de werkneemster weten dat zij een scheve wervel in haar rug heeft en hierdoor het werk achter de kassa niet kan vol houden. In overleg werkt de werkneemster dan nog bijna een maand aan de servicebalie. Ook dat houdt zij niet vol en zij meldt zich ziek wegens rugklachten. De bedrijfsarts oordeelt dat de werkneemster structurele beperkingen heeft die haar verhinderen om het werk als kassamedewerkster te verrichten. Na deze conclusie van de bedrijfsarts besluit de supermarkt om de arbeidsovereenkomst te vernietigen wegens dwaling bij het aangaan van de arbeidsovereenkomst. De supermarkt stelt dat, als zij hadden geweten dat de werkneemster structureel arbeidsongeschikt zou zijn als kassamedewerkster, zij de arbeidsovereenkomst niet zou zijn aangegaan. Werkneemster neemt dit niet en stapt naar de kantonrechter om dit besluit van de supermarkt te laten vernietigen. Zij heeft er belang bij om de arbeidsovereenkomst te laten voortbestaan.

Wat beslist de kantonrechter?

Dwaling is een gegronde reden om een arbeidsovereenkomst te vernietigen. Er is sprake van dwaling bij een onjuiste voorstelling van zaken door bijvoorbeeld het verzwijgen van informatie. Om een beroep te kunnen doen op dwaling geldt voor de kantonrechter dat aan dezelfde strenge eisen als aan een ontslag op staande voet worden gesteld moet worden voldaan. Daarom moet de supermarkt bewijzen dat de werkneemster bij haar sollicitatie wist dat haar scheve wervel haar ongeschikt zou maken voor de functie van kassamedewerkster of ander werk in de supermarkt. Dat kon de supermarkt niet aantonen. De werkneemster wist dat haar kwaal haar ongeschikt maakte voor werk in de horeca, maar dat werk is niet te vergelijken met het werk als kassamedewerkster. De vordering van de werkneemster wordt daarom toegewezen door de kantonrechter. De supermarkt mag de arbeidsovereenkomst niet vernietigen met een beroep op dwaling.

Belang van de supermarkt

De supermarkt is eigenrisicodrager voor de ziektewet en zou na het einde van de arbeidsovereenkomst de Ziektewetuitkering van de werkneemster zelf moeten betalen. Zou daarna aan werkneemster nog een WGA-uitkering worden toegekend, dan zou die uitkering ook nog eens een grote kostenpost voor de supermarkt betekenen. De supermarkt had dus belang bij vernietiging van de arbeidsovereenkomst. Dat zou betekenen dat de arbeidsovereenkomst nooit zou hebben bestaan en de supermarkt dus niet voor de Ziektewetuitkering zou opdraaien. Ook de eventuele WGA-uitkeringslast zou dan niet voor hun rekening komen. Wil de supermarkt nu toch nog onder de betalingsverplichting uitkomen, dan zal zij moeten aantonen dat de werkneemster al arbeidsongeschikt was voor haar werkzaamheden bij de supermarkt vóór zij in dienst kwam. In de praktijk zal het niet meevallen om met dat argument succes te hebben. De supermarkt zal als ERD voor de Ziektewet met medische gegevens van de bedrijfsarts moeten aantonen wat de juiste eerste dag van arbeidsongeschiktheid was. Als dat lukt, hoeft de supermarkt de Ziektewetuitkering en de evt. WGA-last niet uit eigen zak te betalen.

Heeft u ook twijfels over het feit of uw werknemer al ziek was voor hij in dienst kwam of heeft u andere vragen op het gebied van arbeidsrecht? Bel ons gerust en wij kijken met u mee wat er in uw situatie nog mogelijk is.